Hottefyle
Thijs Zuidema uit Twijzel bracht een aantal weken geleden een langwerpige zandstenen voorwerp in het IJstijdenmuseum. Het stenen voorwerp had aan beide lengte zijden heel veel krasjes. Volgens Zuidema zou de steen gebruikt kunnen zijn voor het slijpen van messen of iets dergelijks. De zwerfsteen deskundige van het IJstijdenmuseum Jan Veenstra uit Veenwouden werd ingeschakeld om het stenen voorwerp thuis te brengen. Toen Veenstra de steen had bekeken stelde hij vast dat het hier om een “hottefyle” ging.
Verder naar artikel
Zandstenen (en kwartsieten) in Noord-Nederland. (Door Peter Hofstee)
Zandstenen en kwartsieten behoren over het algemeen niet tot onze meest opvallende zwerfstenen. Dat ze toch in aanmerking komen om eens beschreven te worden in een artikel komt omdat ze tussen onze zwerfstenen in grote aantallen voorkomen en er bovendien nog al eens mensen met vondsten komen om te vragen wat voor soort steen ze hebben gevonden.
Zweedse Helsinkiet, Myloniet of Metasomatiet.
Onlangs vond ik een zwerfsteen die ik de moeite van het meenemen waard vond. In een grijze grondmassa van de steen zaten prachtige grote rode plagiopklazen. Ik herinnerde mij het soort gesteente van één van de collecties die ik in de afgelopen jaren had gezien en meende een Helsinkiet te herkennen.
Kunnen wij in Friesland stenen vinden, die in het gebied zelf zijn gevormd of zijn alle aanwezige zwerfstenen van elders aangevoerd, met name uit Scandinavië door het landijs?Ik ben opgegroeid bij Heerenveen in de buurt van het riviertje de Tjonger. Als schooljongens waren we nog al eens te vinden bij het gekanaliseerde riviertje. In het voorjaar was een bepaalde plek nogal interessant vanwege de eendeneieren die daar volgens ons volop zouden moeten liggen. Het was een buitendijks, drassig stuk land met daarin een door rietkragen omzoomde meander van de vroegere Tjonger.
Ålandrapakivi's, veel gevonden zwerfsten. (Door Peter Hofstee)
Als je op een drukke plek ergens in Nederland aan de voorbijgangers zou vragen wat een Ålandrapakivi is, dan is het wel zeker dat je de meest vreemdsoortige onjuiste antwoorden zou krijgen, hoewel iedereen, die ook maar iets geïnteresseerd is in zwerfstenen vast wel eens met belangstelling naar zo’n roodbruine steen met zijn opvallende witte ringen heeft gekeken. Rapakivi is een gesteentesoort, die op verschillende plaatsen op onze aarde voorkomt. Ieder voorkomen heeft de hierna te bespreken speciale rapakivikenmerken, maar er zijn ook verschillen tussen de gebieden van herkomst.
Verder naar artikel
Rhomben porfieren
Bij de verzamelaars van zwerfstenen gaat nog altijd het hart sneller kloppen als ze tijdens hun zoektochten een rhombenporfier vinden. In Fryslanis het vinden van deze profier vaak een zeldzaamheid. Onlangs bood Romke van der Mark uit Drachstercompagnie zo'n zeldzame steen aan bij de gelegenheid van de start van de bouw van het ijstijdenmuseum in Buitenpost.
Verder naar Artikel
Amfiboliet.
Begin januari 2006 vond ik ten noorden van Zwaagwesteinde een prachtige grijss/witte zwerfsteen. De steen kwam uit het keileem en was daardoor niet geërodeerd. Thuisgekomen ging ik natuurlijk de steen op soort onderzoeken. Daar kwam ik niet helemaal uit. Mijn onderzoek leidde tot hoornblende schalie of een soort gneis maar welke dat zou kunnen zijn, daar kwam ik ook niet helemaal uit. Vanuit de geologenkring Friesland ken ik Jan Veenstra uit Veenwouden.
Verder naar Artikel
Een unieke zwerfsteenvondst.
Op dinsdag 4 april maakten enige stichtingsbestuurders van het IJstijdenmuseum te Buitenpost, een archeologische excursie in de omgeving van Steenwijkerwold. Piet Wiersma en Kees Wijnberg van de archeologische vereniging in Steenwijkerwold fungeerden als gidsen in het gebied. Daarbij werd onder anderen een bezoek gebracht aan de grafheuvels op de Bult ten oosten van Steenwijk. Er liggen daar nog een twintigtal grafheuvels die door de werkgroep grafheuvels goed onderhouden worden.
Verder naar artikel
HANNEKEMAAIERS EN KIEPKERELS.
Tussen 1600 en 1900 trokken ongeschoolde arbeiders en arme boeren vanuit Duitsland en Oostenrijk naar het rijke Nederland, om daar hun kost te verdienen. Ze waren vaak alleen in het bezit van een zeis die ze op hun reis over de schouder meevoerden. Doorgaans bleven ze een maand of drie in Nederland en maaiden voor de rijke Nederlandse boeren het gras op de weilanden. Het waren in het noorden van Nederland vooral de Duitsers uit de omgeving van Westfalen en Nedersaksen die via Drente naar de Friese greidhoek trokken om daar in de zomermaanden geld te verdienen. In wezen waren deze maaiers, in de volksmond “Hannekemaaiers” genoemd, de eerste gastarbeiders in Nederland.
Verder naar artikel
Verfsteen.
Jan van der Bij uit Buitenpost bracht kort geleden een ronde steen met een gladde onderkant in het IJstijdenmuseum. Volgens van der Bij is de steen een verfsteen die in vroegere tijden werd gebruikt om verf te mengen. Hij had de steen al jaren in zijn voortuin liggen. Omdat in het IJstijdenmuseum veel bewerkte zwerfstenen liggen zou daarbij de verfsteen ook kunnen passen.
Verder naar artikel
RHOMBENPORFIEREN EN OSLO BASALTEN.
In het IJstijdenmuseum heeft Peter Hofstee uit Kootstertille in één van de vitrines een collectie rhombenporfieren tentoongesteld. Peter is een verwoed zwerfsteenverzamelaar en heeft thuis een enorme collectie zwerfstenen opgeslagen. Het grootste deel van zijn omvangrijke collectie bestaat uit gezaagde en gepolijste stenen. Het zagen en polijsten vindt plaats in de garage achter de woning.
Verder naar artikel